zondag 8 april 2012

Paasode aan de Amersfoortse Kei

Een (k)ei hoort erbij

Oh kei, oh kei
hoeksteen van onze maatschappij,
op de hoek sta jij
er vaak wat eenzaam bij.

Voel je je eigenlijk wel lekker
sinds die keientrekker
je met veel drukte en vertoon
losrukte uit je comfort zone?

Mij boeit het niet bijster
of nu Everard Meyster
of iemand anders met jou
z'n krachten wil meten.

Maar ík wil ervoor waken
dat ze kiezels van je maken
en dat ze je óóit
nog zullen vergeten!

En velen met mij,
want oh kei, kijk eens aan!
met Pasen gestrikt en
een mooi jasje aan.

Jij kei van een steen,
je bent niet alleen
de steen op de hoek
van onze maatschappij

Jij stoere rots,
onze Amersfoortse trots;
als kei en als ei
hoor je er voor altijd bij!

(Ter info: het aankleden van de Kei is een initiatief van Triple-Art uit Amersfoort)

maandag 19 december 2011

Accessoire...

Ik heb een nieuwe ring gekocht,
een superexclusieve;
zo een die ik al héél lang zocht
met zilveren bloemmotieven.

Ik kocht er ook een ketting bij,
ik vond dat dat wel moest;
want met z'n tweeën geven zij 
mijn outfit nét die boost.

En terwijl ik zo aan 't shoppen was,
toen werd ik mij bewust:
ik ben ook toe aan een nieuwe tas;
ja, het is gewoon een must!

En na die tas was de stap niet groot
naar een zonnebril, hoed en sjaal;
steeds mooier in en om mijn hoofd
steeds groter mijn arsenaal.

Bij thuiskomst stalde ik ze uit:
al mijn nieuwe accessoires, 
een indrukwekkend grote buit,
mijn hele maandsalaris!

Ach... jassen, tassen, sjalen, kralen
maak mij uiterlijk maar mooi en blij
maar wat mij écht compleet maakt en van bínnenuit laat stralen
mijn dierbaarste 'access-ware'... dat ben jij!


vrijdag 4 november 2011

Ode aan een lekker ding

M'n hele leven ken ik jou
maar we zien elkaar niet meer zo vaak.
Niet dat ik niet meer van je hou
want je bent en blijft precies mijn smaak

Ik mis ons heimlijk rendez-vous'tje
bij de benzinepomp of in de stad
en bij MacD, met ijs als toetje;
wat hebben wij het fijn gehad!

En soms, soms moest ik even slikken,
als je mij met pikante delen confronteerde;
maar nooit heb jij me laten stikken
(behalve als ik in de USA verkeerde...)

Ja, ik heb je best wel vaak gemist
en wat zou ik nu graag mijn tanden in je zetten,
maar ik neem wat afstand, want mijn diëtist
zegt dat jij vol zit met verzadigde vetten…

Dus heb ik noodgedwongen mijn contact met jou
voor een tijdje in de ijskast gezet;
maar wéét, dat ik nog steeds van je hou
want je bent en blijft een lekker ding..... kroket!

Gedicht naar aanleiding van het bericht (AD, 4/11/11) dat de grootste krokettenproducenten Royaan (Van Dobben en Kwekkeboom) en Van Geloven (Mora) gaan fuseren en hun peilen nu ook op het buitenland gaan richten...

donderdag 3 november 2011

Oud en Nieuw

Lopend in de avonduren 
op de drempel van de nacht,
langs schaduwen op hoge muren,
Langestraat en Kortegracht,

dromend over avonturen
die hier hebben plaatsgehad;
ach, kon ik maar heel even gluren
in 't verleden van mijn stad.

Gewoon een keertje zélf ervaren
hoe het vroeger allemaal ging.
In een bootje op de Eem te varen
door een lang vervlogen herinnering,

waarin Piet mij leerde schilderen op doek
en Griet met me over de grachten schaatste,
ik met Jacob mocht dineren in Randenbroek
en met Everard een kei verplaatste.

Ach, avonturen van weleer,
even dacht ik, dat ik júllie schaduw zag;
maar het beeld vervaagt steeds meer,
op de drempel van weer een nieuwe dag…

----------------------------------------------------------
Gedicht voorgedragen tijdens het Scenecsfestival in Amersfoort op 3 november 2011, 
in het kader van 'Amersfoort over Amersfoort'.




zaterdag 7 mei 2011

Vandaag is rood

Het was alwéér een mooie lentedag, vrijdag 22 april; het leek zowaar of dit jaar april eens niet deed 'wat ie wil', maar gewoon het weer gaf dat wíj graag willen: warm en zonnig. En op deze -in meerdere opzichten- goede vrijdag begaf ik mij, uiteraard per spoor, naar Scheveningen. Dat wil zeggen: per trein reed ik tot aan Den Haag, waar ik zou worden opgepikt om in stijl verder te reizen. En dat kwam mooi uit, want in de trein zitten met dit weer is geen pretje, zo bleek al snel. Ik had namelijk precies díe coupé gekozen, die bij de eerste stop (Utrecht Centraal) volstroomde met krijsende kinderen, die zo te zien (en zo te ruiken) op schoolreis waren. De meester droeg een bagwan-rood shirt, van het merk "100% polyester". Hij ging net iets te dicht bij mij in de buurt zitten en vertelde zonder ook maar één woord te spreken een heel verhaal in geuren, namelijk dat hij beslist nog nóóit van deodorant had gehoord, het concept wasmachine hem volstrekt vreemd was en hij überhaupt géén idee had wat een douche is. Wat een sneu typ. Maar vooral sneu voor mij. Net toen ik bijna kokhalzend de coupé wilde verlaten, stond hij op en ging een eindje verderop twee kinderen, die elkaar bijna de hersens insloegen, een 'lesje' leren. "Goed zo, laat maar zien wat je aan pedagogische vaardigheden in huis hebt, roodjakje!", hoorde ik mezelf denken. De kinderen waren accuut stil, wat volgens mij meer te maken had met het feit dat ze accuut bedwelmd waren, dan met eventueel pedagoogelen. Maar het goede nieuws was: ik kon weer ademhalen. En een stukje lezen in mijn net op het station aangeschafte boek: 'Rood'. Het nieuwste werk van mijn favoriete bioloog, Midas Dekkers, een lofzang op meisjes met rode haren. Nou, áls mijn zelfvertrouwen (en dat van alle andere rossige dames) nog ergens een boost nodig had, dan draagt dit boek er zeker aan bij. Enfin, een twintigtal bladzijden later arriveerden we in Den Haag, waar ik overstapte naar de Smart van vriendin Nienke.
We zetten vrolijk koers naar Scheveningen en verheugden ons al op een lunch aan het strand, toen we er ineens achterkwamen dat we niet de enigen waren, die dat hadden bedacht... er stond  voor de parkeergarage bij de boulevard een lange file! En wij stonden daarin. Keren op de weg was geen optie, want naast de rijbaan was een hoge betonnen richel, die de gehele bodemplaat van de Smart waarschijnlijk vakkundig had vermorzeld. En wij wilden natuurlijk niet met een trapauto à la Flintstones verder. Dus zat er niks anders op dan ons te schikken in dit lot. Resultaat: in een kwartier nog geen 100 meter opgeschoven, c.q. opgeschoten. Maar ineens dook er een escape op: een zijstraat! Eventuele verkeersborden (iets ronds en roods met een witte balk erin?) lieten we letterlijk links liggen en als een volleerd coureur manoeuvreerde Nienke (de) smart over achtereenvolgens over fietspad, stoep (rakelings langs parkeermeters en een heg!) en enkele (gelukkig lege!) parkeerhavens. Daarna scheurden we tegen het verkeer in de straat door (geen tegenliggers of dwarsliggers of zwaailichten gezien) en wonder boven wonder kwamen we uit vlakbij een andere parkeergarage, waar we zo in konden. Soms zit het tegen, en nu zat het mee. En zo zaten we dan even later toch aan het strand, in het Carlton Beachpaviljoen, waar het voelde alsof het medio juli was. Het rosébier smaakte dan ook prima, evenals het eten. En het personeel was aardig en attent. Na de lunch besloten we nog even naar een naastgelegen strandtent te gaan, om daar koffie te drinken. Het zag er erg leuk uit, deze strandtent waarvan ik geen naam op de gevel kon ontdekken. Wel vijf grote 'Coca Cola Zero'-parasollen lachten ons vriendelijk tegemoet. Maar dit werd een typisch voorbeeld van 'buitenkant zegt niet alles'. Sterker nog: híer zou men als gemeente Den Haag nou zo'n rood verkeersbord voor moeten plaatsen. Of nog beter: rood-wit afzetlint! On-ge-loof-lijk, wat een tent! Op een gezinnetje na waren we de enige gasten op het terras, maar de bestelde koffie was er na een kwartier nog niet. Moest het apparaat nog worden gekocht of zo? Dus ging ik binnen maar eens even poolshoogte nemen. "Ja, de koffie en de cappuccino zijn onderweg", zo beloofde men enigszins geïrriteerd. O ja en "of ik nog iets bij de koffie wilde". Ik antwoordde: "ja, een zoetje graag en een beetje melk". En ja hoor, even later kwam een jongeman (type 'wannabe surfer')  met dienblad langs, serveerde een cappuccino, een koffie en .... een glas melk! Ik barstte in lachen uit. Maar hij keek verbaasd. "Had ik dan niet gezegd dat ik melk bij de koffie wilde?" Well, wat moet je daar dan nog van zeggen! Hilarisch! Een tijdje later kwam de ober eindelijk weer es langs en vroeg of we nog iets wilden drinken. Eh, ja. (Hoe raad je het zo!) Ik besloot op safe te gaan dit keer (dacht ik) en bestelde een Coca Cola Zero. En daar kwam deel twee van de slapstick: "We hebben geen Zero". Huh? "Wat staat er op die parasol dan?", vroeg ik met enig gevoel voor drama. Nu gierde ook het gezinnetje naast ons het uit van de lach. Maar omdat het zulk dorstig weer was, we het gezellig hadden en we geen zin hadden om weer te verkassen, namen we een alternatief drankje, dat ook weer met grote vertraging werd geserveerd. Een rode kaart voor deze tent, totaal ontspoord! 
Het was mooi geweest. En rond vijf uur zat ik weer in de trein terug naar Amersfoort, met de sporen van de zon in mijn gezicht en de sporen van een liedje in m'n hoofd: 'Vandaag is rood'...

zondag 3 april 2011

Vreemde gas(t)jes...

Woensdag 30 maart stond het jaarlijkse uitje naar de relatiegeschenkenbeurs Promz in de Utrechtse Jaarbeurs op de kalender. Lekker: even mezelf 'n dagje in nieuwe gadgets, gimmicks en promodingetjes wentelen! En het leek een goed plan om weer 'ns met de trein te gaan, om dan na de beurs in willekeurige windrichting verder te treinen. Want ja, Utrecht is maar een kwartiertje vanuit Amersfoort, dus dat kun je niet echt een reis noemen. Toen eenmaal de ochtend was aangebroken, trok het comfort van mijn auto me toch eigenlijk stiekem meer dan de trein. Ik besloot er aan toe te geven en wandelde richting Stadsring, waar mijn Berlingo zich zoals altijd bevond. Maar ojee! Een wirwar van rood/witte politielinten, met daarachter het voltallige lokale korps van brandweer en politie, hield mij op de Grote Haag tegen en maakte duidelijk dat ik vooral niet in de buurt van de Stadsring mocht komen, laat staan in de buurt van mijn auto. Mijn bolide stond namelijk precies (ja, precies!) ín het epicentrum van een giga-gaslek. Linke soep! Dus liet ik mijn ouwe diesel en de vreemde gas(t)jes voor wat ze waren en begaf ik mij per fiets naar het NS-station...
Het was zonnig weer in Utrecht, bijna zonde om in een jaarbeursgebouw rond te lopen, maar benieuwd naar de nieuwste noviteiten en de raarste rariteiten op relatiegeschenkengebied begaf ik mij toch in het beursgewoel. Zo'n beurs is eigenlijk iets heel merkwaardigs: de stands zijn op het oog allemaal kleine winkeltjes, maar je kunt er niets kopen. Wel krijg je van alles in je handen geduwd, gewenst of ongewenst: samples, pennen, visitekaartjes, glossy folders, spelletjes, pepermuntjes. Alles uiteraard keurig voorzien van het logo van de verkopende firma. En voorzien van een bijpassend verkoopverhaal. Want de deal op een beurs is: 'jij mag mijn spetterende spannende spotgoedkope speledingetje best meenemen, maar dan mag ík tegen jou aanpraten. Vreemde gastjes, die vertegenwoordigers. En de écht leuke gadgets, daar mag je alleen maar naar kijken... Zoals die ZOKU ijsjesmaker, wauw wat een topding! Of die mooie 'designer'tassen die je helemaal naar eigen smaak kunt vormgeven. Maar goed, ik liet ze tegen me aanpraten, nam alle verkooppraatjes en promoprulletjes 'dankbaar' in ontvangst en zo hobbelde ik vrolijk van het ene standje naar het andere. Daarbij wist ik tot m'n eigen verbazing steeds weer m'n meest geïnteresseerde gezicht op te zetten (oh ja joh? goh! wat leuk, dus jullie doen nu ook iets met relatiegeschenken in Polen? poeh, klinkt goed hoor! Mag ik die mok meenemen? Ach, wat een grappig ding zeg.... etc.). Enfin, enkele uren en vele 'succesverhalen' later én met een tas vol promotionele snuisterijen en aanverwant foldermateriaal, half bedwelmd door de mix van indringende aftershaves van gadgetverkopend Nederland, verliet ik de beursvloer weer. Nog even snel geluncht in het aangrenzende gastronomische paleis (mwah...) en de krant te woord gestaan; want men had gelezen op Twitter dat mijn auto bij het gaslek stond en dat was blijkbaar hot nieuws...
Om een uur of drie keerde ik weer terug naar Amersfoort; door het uitgelopen beursbezoek had het weinig zin nog verder het land in te treinen. Volgende maand maar weer. En eigenlijk was ik ook wel benieuwd naar de ontwikkelingen rondom de ontsnapte gassen. Maar niet nadat ik een vluchtig bezoek aan Starbucks had gebracht. Want een kans op een echte Frappucino mag je natuurlijk niet zomaar voorbij laten gaan. 
Tevreden zetelde ik mij met m'n ijskoffie weer in de intercity en hoorde vol verbazing een merkwaardige 'gesprek' aan dat zich een paar zitjes voor mij voltrok tussen twee vreemde gastjes in de categorie 80+. Zij zei (met luide krakende stem): 'Goed nou, we gaan hier zitten Jan, of wil je daar zitten, nee we gaan hier zitten, ga jij dan daar zitten want ik wil niet achteruit, o nee hij gaat die kant op, nou ga jij dan daar zitten dan ga ik hier. Wil je cola? O nee je wil geen cola want je wil nooit cola, of wil je water, je wil wel water he of niet? Jan, wil je nu een broodje of, nou misschien dan beter toch straks maar he,  als we in Zwolle zijn, of wil je een krentenbol, Jan? Oh kijk Jan, hee we moeten stil zijn hoor, kijk, daar staat Stilte. Sssst. Stil zijn! Dit is de eerste-klascoupé hoor, ik weet het zeker. Kijk, je moet stil zijn. Daar staat Stilte op het raam Jan.' Jan had nog geen wóórd gesproken en sprak met gedempte stem: 'nee hoor, dit is 2, zie daar, daar staat 2e klas boven die...'. Waarop zijn vrouw hem onderbrak met een luid en niet mis te verstaan 'sssst!!'....
Bij terugkomst in Amersfoort was het gaslek nog niet gelokaliseerd (tssss!), maar ik mocht al wel m'n auto verplaatsen, met behulp van wat politie- en brandweermannen. Gelukkig maar! Want stel je voor, dat ik nog dagenlang verstoken zou zijn van mijn ouwe trouwe diesel. Zoveel vreemde gas(t)jes om zich heen, dat trekt 'ie natuurlijk niet! En ik ook niet, dus gaf ik hem een mooi veilig plekje in de gas(t)vrije Koesteeg en haalde een magnetronmaaltijd....

maandag 21 februari 2011

20 februari 2011: Klassiekers

Het werd weer es tijd, want ik ging 'm al bijna missen: de trein. Dus op de Dag van het Geweldloos Verzet de zinnen verzet en de intercity naar Amsterdam gepakt. Overigens scheelde het weinig of ik was beland in een boemel ('stoptrein' in NS-jargon), maar gelukkig zet Tuffie (what's in a name; een betere naam voor dé stationsvoice-over is er niet, toch?) ons altijd weer op het juiste spoor. En zo weet ik op deze zonnige dag toch nog op de valreep te voorkomen dat mijn treinreisje naar Amsterdam onnodig lang gaat duren.
Het is niet druk in de dubbeldekker en riant zoeven we over de Utrechtse Heuvelrug richting Hilversum. Niet dat ík dat wist, dat de Utrechtse Heuvelrug zich helemaal tot in het Gooi uitstrekt. Ik was altijd meer van de typografie, dan van de topografie, zullen we maar zeggen. Maar de twee oudere klassiek geklede dames naast mij merken dit in hun geanimeerde conversatie op. Tsja, zij zijn toch bijna tweemaal zo oud - en dus tweemaal zo wijs - als ik, dus ik ga er maar even vanuit dat ze gelijk hebben. Eenmaal aangekomen op station Hilversum voor een korte tussenstop, worden twee pubermeisjes een paar stoelen verderop helemaal wild. "Oooh, kijk! We zijn in Hilversum! Hier worden toch alle tv-series gemaakt?" kraait de een. "Jaaa, hier wordt 'Kinderen geen bezwaar' opgenomen!", roept de ander verrukt uit." Hmm, bij het zien en horen van deze luidruchtige pubers ben ik nu toch even geneigd te denken dat dit een klassiek gevalletje van 'Kinderen, wel bezwaar' is... Niet veel later passeren we Diemen. Op zich niet zo spannend, maar wat opvalt, is dat het kerkhof naast het spoor zo buitensporig groot is, dat je het idee krijgt dat er zich in Diemen meer mensen ónder de grond bevinden, dan boven. Wie weet, misschien is het ook wel zo?
En dan is daar Amsterdam. De Hoofdstad, dus dat belooft wat. 't Is alweer even geleden dat ik er was. Nog steeds een ontzagwekkende stad, zeker voor een provinciaaltje zoals ik. En het ziet er, ook op deze zondag, zwart van de mensen. '15 miljoen mensen, op dat hele kleine stukje aarde' komt spontaan in me op. Op het moment dat je in Amersfoort een kanon in het centrum kunt afschieten zonder iemand te raken, komt Amsterdam over alsof het de laatste zaterdag voor de feestdagen is en iedereen nog inkopen moet doen. Een krioelende mix van allerhande nationaliteiten begeeft zich van station naar de Dam en omliggende winkelstraten. En ik maak er even deel van uit. Even maar, want zometeen ben ik in de Beurs van Berlage bij de tentoonstelling Reclameklassiekers, dus daar zal het wel rustig zijn....
Helaas, pindakaas... wat een drukte in Berlage! De Beurs, of beter gezegd beurs, loopt hier aan alle kanten vol! Want om een paar gouwe ouwe ('klassieke' in reclamejargon) commercials en billboards te bekijken, moet eerst door iedere bezoeker ook nog even 12,50 euro worden neergeteld. Niet dat ik dat niet kan of wil betalen, maar dit is toch een klassiek geval van overdrijven, niet waar? Het hangt hier vol met gesponsorde uitingen! Vooral Amstel springt eruit qua exposure; dan zou je zo'n tentoonstelling toch eigenlijk kosteloos moeten kunnen bezoeken. En een biertje aangeboden moeten krijgen. Op z'n minst! En pennen, postkaarten en pepermuntjes in je handen geduwd krijgen en meer van dat soort prullaria, voorzien van Neerlands bekendste logo's. We hebben toch in de loop der jaren al die ondernemingen met z'n allen enorm gespekt, door producten uit hun advertenties en commercials massaal aan te schaffen? Wat zeg ik: elke bezoeker van deze tentoonstelling zou geld tóe moeten krijgen! Enfin, dat zit er niet in. 'Foutje, bedankt!' Ik besluit me er echter niet heftig tegen te verzetten ('nú even niet!') en loop in de massa mee langs het reclamegeweld. En ach, toch best leuk om al die ouwe en nieuwe commercials nou es zo bij elkaar te zien. Wie kent ze niet, de tunes die zo in je hoofd bleven hangen van bijvoorbeeld Yogho yogho, Douwe Egberts ('altijd weer een gezellig moment') en 'miauwmiauwmiauwmiauw' (oei, díe was irritant!). En dan die oneliners, die werkelijk iedereen te pas en te onpas in de mond nam: 'Goeiemoggel', 'Schat staat de Bokma koud?', 'Nog zo gezegd, geen bommetje!' en 'Even Apeldoorn bellen'. Mijn persoonlijke favoriet blijft echter: 'Wij van WC-eend adviseren WC-eend'. Helemaal briljant, die commercial! Enfin, een aardige trip down commercial lane, maar meer ook niet, dus sta ik na een klein uurtje weer buiten.
Om me heen kijkend zie ik uitpuilende horecagelegenheden en tjokvolle winkels met koopgrage toeristen, burgers en buitenlui. De crisis is duidelijk voorbij (als ie er al ooit is geweest). Ik besluit de Bijenkorf met een bezoekje te vereren en loop binnen aan de kant waar de tassenboutiques zijn gesitueerd. De luxe spat er vanaf, de merknamen schreeuwen me tegemoet: 'koop mij!'. Ik kijk m'n ogen uit, alle klassiekers zijn aanwezig: Gucci, Guess, Prada, Hermes, Burberry, ... en zo te zien worden er goede zaken gedaan. Ik besluit het te laten bij wat rondkijken en begeef me dan weer in de multiculti-menigte op de Dam. Gut wat een hoop mensen hier. En mássa's duiven, ik zie nu wat Gert en Hermien bedoelden. En hoor ik die gevleugelde damschijtertjes nou 'doekoe-doekoe' roepen? Ja, ik weet het bijna zeker! Dan wordt mijn aandacht getrokken door een druk bewegende jongeman. Hij doet 'trucjes' met een uitzonderlijk groot slagersmes. Het ziet er zeer gevaarlijk uit dus ik loop door, maar vang nog nét op dat ie tegen het publiek zegt: 'this is a tric I learned from my brother, who is now - haha!- my sister'. Right. Nou, dat lijkt me duidelijk, bij zo'n grappenmaker wil je ver weg blijven.

Ik slenter in de slipstream van een handjevol Chinese toeristen nog een beetje langs de grachten in het zonnige, maar koude Amsterdam. Wat is het hier toch mooi, met al die ouwe pandjes, geveltjes, steegjes, grachtjes en bruggetjes. Echte Hollandse klassiekers, never out of fashion! En gewoon ook met gesloten beurs, gratis en voor niks te bewonderen...  Ach ja, 'daar word je toch blij van!'